Totaal aantal pageviews
Posts tonen met het label meditatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label meditatie. Alle posts tonen
donderdag 7 juli 2011
De vier elementen, aarde
Aarde
De aarde is onze moeder, ze voedt ons, ze is ons thuis. Aarde geeft vorm aan de materie. Ze is de bodem onder ons bestaan. Het buitenste, vruchtbare laagje is maar dun, als wij dat en onszelf uitputten en vernietigen, bestaat de aarde gewoon verder, zonder ons en alles wat er verder op haar oppervlakte krioelt.
Meditatie
Ik ben de aarde. Onverstoorbaar draai ik, beschenen door de zon en de maan, mijn rondjes door het heelal. Ik weet niet van mijn bestaan of het bestaan om mij heen. Mijn kokende kern is de kern van mijn bestaan. Op mijn oppervlakte speelt zich een onbetekenend proces af van geboorte en dood, van aantrekkingskracht en afstoting. Alles wat ontspruit uit mijn oppervlakte zal daar naar verloop van tijd in wederkeren. Ik ben de voedingsbodem, maar dat wat leven wordt genoemd is niet de reden van mijn bestaan. ik was er toen er nog geen leven bestond en zal er zijn als al het leven is uitgeblust.
zondag 3 juli 2011
De vier elementen, Lucht.
Lucht.
Lucht is het meest ongrijpbare element. Het laat zich niet vastpakken. Het staat dan ook voor vrijheid en ongebondenheid. Lucht is de drager van geluid, beeld en geur. Daardoor communiceren wij, lucht verbindt ons. Lucht geeft het leven kleur en geur. Het is onze adem, het is het element waar we het kortst zonder kunnen. Het zorgt voor opluchting. Lucht reikt tot in de hemel en verleidt onze gedachten naar omhoog en maakt onze gedachten en dromen los van de aarde. Lucht is het meest goddelijke element. Niet voor niets beginnen alle meditaties met diep in en uit te ademen.
Luchtmeditatie
Ik zit op een klif en kijk uit over de zee. Een straffe zomerwind strijkt langs mijn gezicht. Ik ruik de lichte zoute geur van de zee, een beetje vissig ook en zeewier. Op het strand onder mij proberen een vader en zijn zoontje een vlieger op te laten. Onder het slagen van vreugdekreten lukt het uiteindelijk. De wind krijgt het lichte materiaal van de vlieger te pakken en sleurt het ineens met een flinke vaart naar boven. Ik ben de vlieger, houdt mijn adem in het is alsof ik in een achtbaan zit, soms trekt de wind zich even terug en lijk ik te vallen, maar dan wordt ik weer met een schok opgevangen. Dan sta ik stil aan het strakgespannen koord. De lucht vlaagt en plaagt om mij heen en trekt zich dan van mij terug. Nu val ik en val ik en val ik, weer wordt me de adem ontnomen. Ik wil gillen, maar er komt geen geluid. Met een klap kom ik op het natte zand terecht. Aan alle kanten bezeerd sta ik op en verlaat deze plek.
Lucht kan ook onbetrouwbaar en gevaarlijk zijn, niet alleen bij storm, orkaan, wervelwind en windhoos. Ook in de zin van je mee laten slepen door ideeën, idealisme en illusies. Daardoor kan je dan wel eens hard ten val komen.
dinsdag 28 juni 2011
De vier elementen. Vuur
Vuur
Vuur is voor mij het krachtigste element, maar ook het element waar ik het meest voorzichtig mee om ga. Het vernietigende aspect van vuur, positief gelabeld het transformerende, maakt mij terughoudend.
Een ander aspect wat algemeen wordt toegeschreven aan vuur is inspiratie, de goddelijke vonk die dingen in beweging zet, laat ontstaan. Ik heb moeite om dit zo te voelen. Inspiratie voor bijvoorbeeld kunstuitingen komt volgens mij vaak voort uit de emoties en dus vanuit water. Wetenschappelijke inspiratie komt, weer volgens mij, misschien wel voort uit de ether.
Dit voorzover de algemene beschouwing, laten we kijken wat er gebeurde tijdens de meditatie.
Ik ben een man, waarschijnlijk in de steentijd. Ik draag een dierenvel en heb een knuppel in mijn hand. Achter mij lopen nog een groepje mensen. Ik loop door een moerasgebied met manshoog opgeschoten riet en hier en daar een struikenbosje. ik ken de weg en weet waar ik moet gaan om niet weg te zakken in de drassige grond. We lopen in een smal lint achter elkaar. Het is heet, heel heet en heel vochtig. De zon heeft zich verscholen achter een donker wolkendek. Zwermen muggen vallen me aan en steken me waar ze maar kunnen. Ik schenk daar niet veel aandacht aan, als ze erg lastig worden veeg ik ze met mijn arm weg bij mijn gezicht. Al een tijdje hoor ik gerommel in de verte en af en toe zie ik een lichtflits langs de hemel schieten. Het is nog dagen lopen voor we onze bestemming bereikt hebben, het zomerkamp bij de heilige steencirkel, waar we zeker aankomen voor de ceremonie van de langste dag. Ondertussen spied ik het landschap af om een plek te vinden waar ik en mijn familie beschutting kan vinden voordat de elementen losbarste. Ik zie een kleine verhoging in het landschap, dat ik herken. De grote dicht op elkaar staande bomen zullen ons een tijd droog houden en ons beschutten tegen de wind. Er staat een oude heilige boom, een eik, opgedragen aan Wodan de dondergod. Even voel ik me aarzelen, is dat wel een goede plek om te schuilen? Maar er is geen andere mogelijkheid en om het noodweer in het open veld te trotseren zou vooral voor de kleintjes beangstigend zijn. Dus verander ik resoluut, met versnelde pas, onze richting en hoop zo nog op tijd bij het bosje aan te komen.
Net voor we daar aankomen breken de wolken open en stort het water over ons hoofd uit. De donderslagen knallen door de lucht en bliksemschichten volgen elkaar met grote snelheid op. Opgewonden roepend, rennend en struikelend bereiken we het iets hoger gelegen bosje. Voorlopig staan we droog. Vol ontzag kijk ik naar het hemelgeweld en zend een gebed naar de hemelgoden om ons niet te vernietigen. Dan schrikken we op van een oorverdovende knal, meteen gevolgd door een vuurflits die sissend neerdaalt in de Wodans eik, gillend deinsen we verder achteruit.
Ik ben vuur. Ik ben het vuur dat zich opbolt in de hemelen en zich ontlaad in vurige tongen die zich naar beneden snellen om te zoeken naar een punt om tot rust te komen in de aarde.
Niets kan mij tegenhouden op die weg. Ik verzeng en verschroei datgene wat mij ervan weerhoud mijn doel te bereiken. Ik schroei langs de boom en schiet in de aarde.
Ik ben de vonk die achterblijft, gevallen op de droge dorre bladeren rondom de boom. Het lijkt wel of het blad onder mij wegsmelt, ik word geboren als vlammetje. Verbaasd ervaar ik mijn nieuwe hoedanigheid. Ik dans vrolijk rond en wordt groter en groter. Uitbundig grijp ik om me heen, op zoek naar steeds nieuwe, steeds meer, dorre bladeren en dode struiken die mij voeden en waar ik nooit genoeg van schijn te hebben. Ik rijk naar de hoge takken, en wordt meegezogen in mijn eigen verlangen en passie. Ik zing en loei en kleur en verzeng. Ik krijg er niet genoeg van, soms zak ik even in, vind weer iets nieuws, bloei hoog op, tot ik diep teleurgesteld aan de rand van het vochtige moeras terecht kom en niet verder kan. De verschroeide aarde achter en naast mij, het water voor mij. Vermoeid dooft met een laatste opleving, uiteindelijk ook mijn laatste vlammetje uit.
vrijdag 24 juni 2011
De vier elementen, water
Water.
In voorgaande jaren heb ik intensieve water meditaties gedaan. Een van die keren was ik echt water, ik ervaarde letterlijk hoe het is om als water je weg te zoeken tussen het zand en de aarde korrels en overal tussen en in te dringen, ijverig, altijd bezig en in beweging. Ik ervaarde dat de structuur van wat wij als gesloten, vast, beschouwen, dat niet is, alles bestaat uit min of meer losse moleculen waartussen ruimte is en die na verloop van tijd uit elkaar vallen.Water versneld dat proces, wringt de materie apart.
Bij andere meditaties begaf ik mijzelf in een meer en onder het water en verstrikt in de waterplanten. Ik beleefde een soort benauwde, angstige, wedergeboorte.
Deze keer zat ik op mijn balkon toen een hevige regenbui losbarstte en luidt neerkletterde op de in vol blad staande grote bomen in de binnentuin. Een paar donderslagen verhoogde het intense effect. Ik begon te mediteren en werd de zware grijze regenwolk waarin ik naar onderen zakte.Ik probeerde me er zolang mogelijk aan vast te klampen maar op een gegeven moment viel ik naar beneden. Afgescheiden van alle andere druppels. Ik kwam neer op de bladeren, drupte er vanaf en zonk in de droge grond. Daar werd ik al snel opgezogen door de wortels en belandde in een stelsel van gangetjes met steeds fijnere vertakkingen, om in een blad te eindigen, dat zich opvulde, oprichtte en versterkte. Water is een levensbehoefte.Na de bui brak de zon weer door, een frisgewassen wereld achter latend, zelfs de lucht rook schoon en fris. Water wast schoon.
Abonneren op:
Posts (Atom)